“De kracht van competentie-ontwikkeling en het gemak van het positioneren van jezelf als high performance professional”

mrt 1, 2022

Interview met Eelco Kunst in EXAMENS, februari 2022.

Een afgeronde opleiding in het formele onderwijs geeft een startkwalificatie voor een vervolgopleiding of een beroep en laat zien op welk niveau en met welke kennis of kunde iemand bekwaam is. Maar wie kent de ondernemer niet die zonder enige vorm van formele startbekwaamheid toch succesvol is geworden? ‘Van het concert des levens krijgt niemand het program’. De arbeidsmarkt verandert snel. Beroepen verdwijnen en nieuwe beroepen ontstaan. Om goed inzetbaar te blijven op de arbeidsmarkt is het belangrijk dat mensen zich blijven ontwikkelen. Dat vergt bekwaamheden en competenties die steeds meer beroepsoverstijgend zijn, maar ook erkenning van bekwaamheden die buiten de formele opleidingswegen zijn behaald.

Aanleiding voor het interview

Op 9 oktober 2021 sprak Harry Molkenboer Eelco Kunst die zei dat een portfoliosysteem om competenties vast te leggen niet aan een organisatie, maar aan de persoon zelf moet toebehoren. Daarnaast gaf hij aan dat in het ideale geval aan een dergelijk systeem intelligentie toegevoegd moet worden waarmee de persoonlijke informatie gevalideerd kan worden, waardoor de informatie waardevoller en meer betrouwbaar wordt. Een voorbeeld: stel dat een arts in opleiding tot specialist (aios) in zijn portfolio opneemt dat hij enkele bijzondere operaties heeft uitgevoerd onder supervisie van zijn opleider. De intelligentie in het systeem zoekt in alle data (en op het internet) wie de opleider is.

 

Stel dat duidelijk wordt dat de betreffende opleider dé onderzoeker/specialist op dat gebied is. Dan maakt het feit dat de aios is opgeleid direct onder deze leermeester, zijn notitie daarvan in zijn portfolio ineens meer waardevol. Het systeem zal automatisch bijvoorbeeld enkele referenties toevoegen aan het portfolio. Zover is het nog niet, maar aan dit soort innovatieve ontwikkeling wordt door Eelco Kunst en zijn team nu al gewerkt.

Op 5 november 2021 hield Desirée Joosten-ten Brinke haar rede bij de aanvaarding van het ambt van hoogleraar Leren van Volwassenen aan de Openbare Universiteit. Onderdeel van haar leerstoel betreft de inzet van technologie ter ondersteuning van leven lang ontwikkelen (Inaugurele rede Leren van Volwassenen; Stimuleren, Waarderen en Erkennen, p.33). Zij schrijft: Bewijzen van leren kunnen opgeslagen worden in een e-portfolio. Een e-portfolio is een digitale verzameling van bewijzen die doelbewust worden samengevoegd als bewijs van leren. Een portfolio is geschikt voor de ondersteuning van zelfevaluatie en reflectie op de ontwikkeling van competenties in formeel on- derwijs, en wordt ook algemeen aanvaard als een methode voor het opslaan van bewijzen en het evalueren van competenties die verworven zijn in informele of non-formele contexten. Dat betekent dat er een doorlopend systeem van gemaakt kan worden, waardoor het leren in informele leeromgevingen, het werkend leren en het lerend werken goed op elkaar voortbouwen.Ook Desirée Joosten-ten Brinke gaf tijdens haar rede aan dat een portfolio eigendom moet zijn van de zich ontwikkelende persoon.

Het kostte geen moeite beide deskundigen op het gebied van een leven lang ontwikkelen, één vanuit de wetenschap en de ander vanuit een innoverende en onderzoekende praktijk met elkaar te laten praten. Want dat was het eigenlijk. De standaard interviewleidraad is tijdens het interview nog nooit zo weinig gehanteerd, maar inhoudelijk was het zeker. Aldus spraken Harry Molkenboer een Desirée Joosten-ten Brinke Eelco Kunst op 8 december 2021 online en vroegen aan iemand die aan de Universiteit Twente Electrical Engineering, Computer Science en Biomedical Engineering studeerde en in 1993 promoveerde op het gebied van Biomedical Engineering wat zijn visie is op een leven lang ontwikkelen.

 

Wie bent u, waar bent u werkzaam en wat doet u?

“Op mijn eigen competentieprofiel van LinkedIn (tja, meer heb ik eigenlijk niet, zelfs niet in ons eigen systeem) noem ik mijzelf innovator, ontwerper en romanticus. Dat laatste vormt een innerlijke motivatie bij te kunnen dragen aan de wereld van morgen en heb ik nodig om te kunnen reflecteren op de eerste twee en op mijzelf en te accepteren dat ontwikkelingen gaan zoals ze gaan; tijd nemen, goed luisteren, goed aanvoelen en flexibel zijn, maar ook een doel hebben en ergens echt in geloven. En dat geloven is onder meer de kracht van een competentie-portfolio; makkelijk delen van waarover je zelf de controle hebt. Niet voor niets is onze belofte “proving & improving competences”.

Ik ben medeoprichter van Ambroise dat zich bezighield en nog steeds houdt met de ontwikkeling van innovatieve lichtgewicht orthesen voor armen en benen (1993-2003). Ik ben daar nog steeds bij betrokken maar geen directeur meer. Vanaf 2003 ben ik samen met een collega met Vrest begonnen. Vrest is nu een acroniem maar het stond oorspronkelijk voor Virtual Reality Educational Surgical Tools. We hebben toen onder meer een tool ontwikkeld waarmee chirurgen leerden snijden in de huid, zonder dat een echte huid aanwezig was. Het was een hightech simulatieomgeving, waar ook druk bij het snijden kon worden gevoeld. Het systeem registreerde veel en de student kon later terugkijken wat hij had gedaan. Dat was eigenlijk de voorloper van wat we nu met Vrest aan het doen zijn. Het leveren van een bijdrage aan competentie-beheer en competentie-ontwikkeling van medisch professionals. Met behulp van loopbaanportfolio’s probeert ons team invulling te geven aan proving & improving competences; het bijhouden van je persoonlijke ontwikkeldoelen, ervaringen en assessments en het naar wens delen van die informatie met voor de persoon belangrijke actoren vanuit een app: je portfolio in je broekzak. Zodat je je eigen portfolio direct bij kan werken. Het portfoliomodel voldeed aan een behoefte, en is nu meegegroeid voor een leven lang leren.

We doen dit met een team van negentien medewerkers en we zitten, en dat is niet voor niets, nog steeds nabij de Universiteit Twente. Het ondernemerschap geeft mij de ruimte mijn belangstelling voor innoveren en mijn achtergronden in technische wetenschappen, informatica en biomedische technologie te combineren en vorm te geven. Hierbij vind ik het belangrijk anderen te laten meedelen in nieuwe kansen. Want alleen samen met anderen kun je innovatief blijven.

Mijn drive is vernieuwend bezig te zijn en altijd iets verder te kijken dan het probleem van de dag. Vanuit mijn achtergrond ben ik bezig de werelden van geneeskunde en techniek aan elkaar te verbinden. Met innovatief denken in ICT-applicaties realiseren we slimme manieren voor competentiebeheer, zodat healthcare professionals meer tijd hebben en aandacht kunnen geven aan hun belangrijkste taak, goede zorg voor hun patiënten.

We doen nu nog veel in de medische wereld, maar we zijn inmiddels ook actief binnen de advocatuur en de coaching. Momenteel kennen we 100.000 gebruikers in 80 organisaties die bewust bezig zijn met hun professionele identiteit. Hierbij is het belangrijk dat een portfoliosysteem plat moet blijven, anders wordt het te complex in gebruik, dus niet alles kan. Het is dus steeds onze uitdaging onder de huid van de gebruiker te kruipen en met gebruikmaking van technologie en interfacedesign te komen tot eenvoudig lijkende oplossingen. Daarnaast willen we ook niet alles dichttimmeren en hoeft ook niet alles met bewijzen te worden onderbouwd. Er moet een basis van vertrouwen zijn tussen de lezer van het portfolio en de eigenaar dat de door de eigenaar ingevoerde gegevens kloppen. Bij onze gebruikers blijkt dat zo te zijn.

We willen dat de eigenaar kan laten zien wat hij gedaan heeft en wat hij belangrijk vindt. En dat moet dan eenvoudig in te voeren en te presenteren zijn. Daar zit onze uitdaging steeds. Dus enorm goed snappen hoe een leven lang ontwikkelen eruit kan zien. Dat past bij mij; innovator en ontwerper met een technische, ICT en biomedische achtergrond. Hoe maken we machines ondersteunend voor de mens; orthesen, snijsimulatie en nu dus al sinds 2003 met het competentie-portfolio.

Timmeren we alles dicht dan wordt het systeem onwerkbaar en schiet het systeem zichzelf in de voet. Daarom denken we ook na om op de achtergrond ingevoerde data ongemerkt, via kunstmatige intelligentie, te fact-checken. De gebruiker merkt er dan niets van. Maar dit roept wel allerlei vragen op: hoe diep moeten we gaan met checken. Wie wordt erkend als een connaisseur? Wie bepaalt dat? Met dat soort vraagstukken houden we ons momenteel bezig.

Wij hebben een systeem en we denken na wat een leven lang ontwikkelen inhoudt, wat de gebruiker nodig heeft en hoe hij zo’n machine (app) eenvoudig kan bedienen. Maar hoe krijg je de gebruiker gemotiveerd dat hij bewust omgaat me een leven lang ontwikkelen? Dat is een hele andere en ook complexe uitdaging. Vaak zijn het nog externe actoren die gebruikers aanzetten tot het gebruik van een competentieportfolio. Hoewel we binnen de medische wereld ook al zien dat aiossen en anderen een portfolio zien in hun eigen belang. We zien dat ook in de advocatuur en bij de coaches. Maar hoe zit dat bij lager opgeleiden, die ook eigen competenties hebben, maar niet weten hoe waardevol die kunnen zijn om ze te benoemen en dus in hun telefoon te stoppen.”

Hoe definieert u een leven lang ontwikkelen?

“Ik definieer een leven lang ontwikkelen vrij breed. Ik ga uit van een zekere nieuwsgierigheid en attitude, al dan niet gestuurd door professionele criteria, regelmatig bezig zijn met het vaststellen van eventuele kennishiaten dan wel gebrek aan vaardigheden (bewust onbekwaam) met de wens bekwaam of bekwamer te willen zijn en op zoek te gaan naar en bezig te zijn met leerprocessen.

Belangrijk is dus die nieuwsgierigheid en attitude. Er moet een begin zijn en die ligt bij de persoon zelf. In het vorige interview in deze themareeks van een leven lang ontwikkelen, met Isabel Coenen, constateerde zij dat er enige digitale geletterdheid nodig is voor ontwikkeling om verder te komen. Ik sluit me daarbij aan en dat is ook de reden waarmee wij zoveel nadruk leggen op een plat systeem dat niet alles kan, maar wel over datgene beschikt dat nodig is en de rest proberen wij weg te automatiseren. Willen we een grote doelgroep gaan bereiken met een competentieportfolio, dan moeten we het gebruikers makkelijk maken. Dus we denken ook na over hoe mensen zich vanuit hun portfolio aan elkaar kunnen verbinden, zoals bijvoorbeeld bij Facebook en WhatsApp ook wordt gedaan.

Ik zeg wel eens een dag niet geleerd is een dag niet geleefd. We leren elke dag zonder dat we ons daarvan bewust zijn. Dat bewustzijn wil ik vergroten. Technologie is daarbij een hulpmiddel en hierbij gaan wij uit van wat we noemen affordances; functies aan een object toebedelen zonder dat je daar over nadenkt. Denk aan een goed ontworpen koffiemachine op het werk met verschillende smaken en sterktes. Op die manier ontwerpen wij het portfolio. Maar wij kunnen het paard naar het water brengen, maar het moet zelf drinken. Dat laatste stukje kunnen we niet.”

Hoe ziet u de noodzaak voor mensen om zich een leven lang te blijven ontwikkelen? En waarom?

“De maatschappij en elke professionele werkomgeving vraagt continu om nieuwe vaardigheden. Als je als individu mee wilt of moet met die veranderingen, dan lukt dat alleen door jezelf te blijven ontwikkelen. Dit vraagt dus weer het een en ander van de persoon zelf. Ik werk in een omgeving met veel hoog opgeleiden en we houden ons bezig met de ontwikkeling van competenties als basis voor blijvende professionalisering voor de persoon zelf en daarvan afgeleid voor de maatschappij. Wij realiseren ons dat het bewust bezig zijn met je eigen ontwikkeling niet bij alle organisaties zo gebeurt als bij ons.”

Hoe geeft u binnen uw taken/verantwoordelijkheden invulling aan het thema ‘leven lang ontwikkelen’ binnen uw organisatie?

“We geven zelf inhoud aan leven lang ontwikkelen door met elk van onze professionals regelmatig (eens per 3 tot 12 maanden) formatief (wat gaat goed, wat kan beter) stil te staan bij hun functie-inhoud (hoofdtaken, neventaken, bevoegdheden, verantwoordelijkheden), hun functioneren, hun leerdoelen en leerwensen. Vanuit ‘wat kan beter’ leggen we persoonlijke ontwikkeldoelen vast, inclusief plan van aanpak en kritische succesfactoren en reflecteren we op eerder vastgelegde leerdoelen en -trajecten. Hierbij staan we nadrukkelijk stil bij het ‘startpunt van leren’. Dat wil zeggen dat we bespreken waarin iemand bewust onbekwaam is en of er de wens/attitude is om bekwaam te willen zijn.

En daarnaast door collega’s te helpen anderen met veel respect zich bewust te laten worden van zaken waarin zij onbewust onbekwaam zijn. Dus bewustwording te laten ontstaan van onbewust onbekwaam naar bewust onbekwaam. En daarvoor tegelijk onbewust onbekwame mensen te helpen zich hiervoor open te stellen ten behoeve van hun eigen ontwikkeling.

 

Ik doe dit zelf ook heel bewust. Je weet niet waarin je onbewust onbekwaam bent, maar wij zijn dat wel op verschillende vlakken. Alleen anderen zien dat, maar zullen daar meestal niet uit zichzelf over beginnen. Maar juist bij de onbewust onbekwame vaardigheden/competenties liggen kansen voor je eigen ontwikkeling. Om hier open over te praten en collega’s hierop aan te spreken is een veilige omgeving en open cultuur binnen je organisatie nodig. Het begint dus echt bij jezelf en in onze organisatie werken we daar met elkaar bewust aan.”

Welke recente trends en ontwikkelingen ziet u binnen uw domein ten aanzien van ‘leven lang ontwikkelen’?

“Ons domein is de professional in zijn algemeenheid en de zorgprofessional in het bijzonder, want in die wereld zijn we begonnen en wordt aan de ontwikkeling van competenties veel belang gehecht. Elke vijf jaar is weer een meetmoment om te laten zien dat en hoe men die periode met relevant leren bezig is geweest; anders kan men niet langer het vak uitoefenen.

Daarnaast zie ik als trend dat e-learning een steeds prominentere plaats inneemt. Hierin zie je ook terug hoe belangrijk het is dat iemand deel kan nemen aan een digitale maatschappij.”

Welke uitdagingen ziet u binnen uw domein ten aanzien van ‘leven lang ontwikkelen’?

“Als eerste de toenemende beschikbaarheid van e-learning. De snijsimulatie voor chirurgen in opleiding was daarvan een prachtig voorbeeld. E-learning is dus niet alleen vanaf een beeldscherm leren, maar mogen we veel breder zien. Dat wij vanuit de gebruiker nadenken over wat hij denkt te willen en dat vertalen in zo plat mogelijke oplossingen met niet merkbaar gebruik van technologie. Maar zoals gezegd, dat is en wordt onze uitdaging; we zijn verschillende zaken aan het onderzoeken. Wat ons in de kaart speelt is de toenemende belangstelling voor e-learning. Zie ook het gebruik van de telefoon; men is app-fähig. Dus daar zit dan ook een tweede uitdaging. Het mobieltje, dat bij bijna iedereen in de broekzak zit, laten gebruiken voor leren en competentie-ontwikkeling.”

“Om goed inzetbaar te blijven op de arbeidsmarkt is het belangrijk dat mensen zich blijven ontwikkelen”

“Wat we ook als uitdaging zien is het ombuigen van een extrinsieke ‘behoefte’ voor een leven lang leren – anders kan/mag ik mijn vak niet uitoefenen – naar een intrinsieke behoefte om bij te houden en aan te tonen wat je hebt bereikt. Niet om op je borst te kloppen, maar om kwaliteiten aantoonbaar te maken in een professionele ontwikkeling en groei, en van daaruit verder te werken aan die groei, vanuit je persoonlijke bewustzijn.
Wat ik tot slot niet als uitdaging zie, maar wel als trend, is de afnemende zin tot leren bij hogere leeftijd. Er nog wat van willen maken, iets nieuws durven beginnen. Dat vind ik jammer, want vaak beschikt men juist dan over veel competenties en inzichten. Die gebruiken voor iets anders, iets nieuws of verdere doorontwikkeling is zo waardevol.”

Wat is volgens u het beste voorbeeld van ‘leven lang ontwikkelen’ dat u tegen bent gekomen in uw praktijksituatie?

“Juist in aansluiting op het vorige is dat het boek ‘Ons feilbare denken’ (Thinking Fast and Slow) van Daniel Kahnemann. Hij was een van de meest invloedrijkste psychologen van de wereld (hij is met emeritaat), maar kreeg in 2002 de Nobelprijs voor economie en schreef het boek waarin hij al zijn kennis deelde, na zijn emeritaat. Kijk dat bedoel ik nu De Nobel-prijs winnen in een ander vakgebied dan je eigen vak.”

Hoe geeft u zelf invulling aan ‘leven lang ontwikkelen’?

“Ik ben zelf actief bezig met bewust onbekwaam en onbewust onbekwaam (coaching). Van beide leer je veel, maar voor dat laatste moet je actief in je eigen omgeving aan de slag en jezelf willen ontwikkelen, en dat wil ik juist.”

Op de vraag van de interviewers wat zijn eigen leerdoelen zijn en of Eelco zelf zijn competentie-portfolio-tool gebruikt kwam het antwoord van de romanticus in hem.

“Ik denk enorm veel na over het competentieportfolio. Ik probeer vooral innovatief te zijn omdat we daarmee met zijn allen verder komen. Ik gebruik zelf met name de archiveringsmogelijkheid van het portfolio. Het delen van mijn competenties en leerdoelen met derden nog niet, vooral ook omdat ik niet sterk de behoefte voel mij bij hen te moeten of te willen profileren of me door hen te willen laten begeleiden. Het portfolio faciliteert dat overigens wel. Ik heb wel een beperkt aantal leerdoelen voor mijzelf en die vallen onder een noemer: gefocusseerd kunnen leren. Ik maak dus hele bewuste keuzes in wat ik wil leren. Momenteel is dat mijn Duits perfectioneren. Mijn dochter woont en werkt in Duitsland en wij zijn met de competentie-portfolio-tool nu bezig in Duitsland, want daar doen ze alles nog op papier en hebben ze een nog een hele slag te slaan.

Daarnaast heb ik een dertig jaar oude hobby, zang, weer opgepakt en als derde verdiep ik me in domain driven design. Wat ik ook doe, is bewust nadenken over reflectie-attitude. Hoe leer je iemand kritiek op persoonlijk handelen niet als aanval te zien, maar als een kans om van te leren. Dit moet op basis van vertrouwen over en weer, maar als je daarin investeert en zelf het voorbeeld geeft dan blijkt dat goed te gaan.”

Welke tip zou u de lezer mee willen geven?

“Ik heb drie tips. Ten eerste kun je alleen leren als je weet wat je wilt leren. Dus denk na over waarin je bewust onbekwaam bent en of je daarin bekwaam zou willen worden en durf aan anderen te vragen of ze willen aangeven waarin je onbewust onbekwaam bent.

De tweede tip betreft het vastleggen van gegevens van formeel en informeel leren. Door ze vast te leggen ontdek je als je op een later moment terugkijkt jezelf opnieuw en dan blijkt dat je meer kunt (hebt gedaan) dan je zelf dacht. Weet dat 70% van wat we leren informeel gebeurt, schrijf dat meer eens uit.

Als laatste geef ik de tip mee het boek ‘Ons feilbare denken’ (Thinking Fast and Slow) van Daniel Kahnemann aan te schaffen en te lezen.”

Harry Molkenboer
Ing. H.F.A.M. Molkenboer MEd is master toetsdeskundige en eigenaar van Bureau voor Toetsen & Beoordelen en is lid van de redactie van EXAMENS. 

Desirée Joosten-ten Brinke
Prof. dr. D. Joosten-ten Brinke is decaan van de faculteit Onderwijswetenschappen, hoogleraar Leren van Volwassenen van de Open universiteit en eindredacteur van EXAMENS. 

Bron: EXAMENS, tijdschrift voor toetspraktijk, februari 2022-1

In ander nieuws

Vrest en Nederlandse Vereniging voor Thoraxchirurgie tekenen Raamovereenkomst

Vrest en de NVT (Nederlandse Vereniging voor Thoraxchirurgie) sluiten 2021 af met een mooie mijlpaal in de samenwerking.De Raamovereenkomst tussen de Nederlandse Vereniging voor Thoraxchirurgie en Vrest inzake het bouwen en onderhouden van het Opleidingsportfolio...

Vrest koppelt met digitale leeromgeving van Federatie Medisch Specialisten

Onlangs is de koppeling tussen het portfolio van Vrest en de digitale leeromgeving van FMS (Federatie Medisch Specialisten) in gebruik genomen.De koppeling is een grote stap vooruit in doelmatig werken voor aiossen en medisch specialisten. Want voortaan vullen alle...

Quido Veekens versterkt het team

Sinds september zijn wij een collega rijker en heeft ons team developers zich uitgebreid. Quido Veekens stelt zich graag aan jullie voor."Na het voor de tiende keer typen van de eerste twee regels wist ik bijna mezelf te overtuigen om het traditionele voorstelformat...

Martijn Baas behaalt doctorstitel na succesvolle verdediging proefschrift

Op 6 oktober vond de succesvolle verdediging plaats van het proefschrift ‘Above and Beyond: Classification of Congenital Upper Limb Anomalies’ door Martijn Baas. Martijn: “Ik heb het onderzoek verricht aan de afdeling Plastische Chirurgie van het Erasmus MC in...